De zaal was een golf van gejuich. Achter haar figureerde nog het decor van haar slotoptreden: de maneki neko gelukskittens zwaaiden ons uit. ‘Thank you!’ riep ze, nog nahijgend. ‘I love my country. Next time in Jerusalem!’ En ik weet nog hoe we naar buiten liepen. Het zat erop. Het jaar ervoor, 2017, was het jaar van de catharsis, van Salvador die het Songfestival bevrijdde. Maar 2018 werd een ander jaar. Het jaar van de vragen, waarvan misschien wel de belangrijkste op het laatst pas opkwam: wat heeft ze nou gezegd? Waar gaan we volgend jaar naartoe?

We pakten onze koffers weer in, klapten (zoals Edward het in de conclusies verwoordde) het Songfestival dicht, zetten het in de kast en zochten de rest van onze levens weer op. Maar waar voor de meeste mensen het Songfestival pas weer aan het begin van het nieuwe kalenderjaar gaat leven, zochten wij in augustus elkaar alweer op. Israël zou de locatie voor het Eurovisie Songfestival 2019 bekendmaken.

Dat we hier nu zijn, is nooit een ondoordachte keuze geweest. Al in augustus namen we een besluit: als het Songfestival inderdaad naar Jeruzalem ging, zouden wij thuisblijven. Te gevoelig, te provocerend, zo’n festival in zo’n omstreden stad. Te veel zou het festival dan een vehikel voor machtsvertoon worden, een politieke kwestie die alles zou overschaduwen, en daar konden we niet mee leven. Maar Netta bleek voor haar beurt te hebben geroepen; het werd Tel Aviv, en dat bracht voor ons een nieuwe discussie. Wat doen we nu?

Verontschuldigen
Als ik vertel dat ik voor Eurostory schrijf, heb ik meestal twee soorten gesprekken met mensen. Of we ontdekken een niet eerder uitgesproken gedeelde interesse (of passie) en raken niet meer uitgepraat. Of ik krijg meewarige blikken en vaak dezelfde gemeenplaatsen: het is toch allemaal doorgestoken kaart, een leeghoofdig festival, en dan ook nog in die schurkenstaat. Daar ga je toch niet heen?

RTL-correspondent Erik Mouthaan tweette op 6 mei van dit jaar: ‘Misschien dat al die honderden entertainment journalisten in Tel Aviv een keer de beveiligde zone uit kunnen. Verhaal maken over de raketaanvallen op Israël, de bombardementen op Gaza, de situatie in de bezette gebieden, de boycot beweging richting het Songfestival. Maar nee, blijf ons vooral vertellen hoe je met ‘tranen in de ogen’ naar een nietszeggend liedje uit Zweden of Albanië aan het luisteren bent. Jezus zeg.’

Toen ik deze tweet las, trad onmiddellijk een mechanisme bij mij in werking waar ik me steeds meer van bewust wordt: ik heb de neiging me al bij voorbaat te verontschuldigen voor het feit dat ik iets met het Songfestival doe. Voor sommigen sta je dan al met 1-0 achter, maar waarom eigenlijk? En helemaal nu, nu vroeg ik het me af toen ik die tweet las: waarom neem je aan dat het feit dat wij naar Tel Aviv zijn afgereisd betekent dat we dus compleet voorbijgaan aan de immens ingewikkelde geopolitieke kwestie die hier al jaren speelt?

Stemmen
Want ja, je kunt en je moet er wel iets mee doen. Dat was voor ons ook meteen duidelijk: als we gaan, dan willen we ‘er’ ook iets mee. Niet plaatsnemen in de Eurovisiebubbel en de deuren sluiten, maar ons bewust zijn van de plek waar we zijn, en van de gebeurtenissen die hier vorige week nog, en nauwelijks zeventig kilometer hier vandaan, plaatsvonden. En nog zo vaak zullen plaatsvinden.

We zochten stemmen van beide ‘kanten’ en lieten die aan het woord. Eurostory-collega Dave interviewde Ghada Zeidan van belangenorganisatie Palestine Link, Esther Voet van het Nieuw Israëlitisch Weekblad, en Dorien Ballout van boycotbeweging docP, in een drieluik waar ik heel trots op ben, onder de noemer: Hoe politiek is het Eurovisie Songfestival in Tel Aviv? We hebben dat bewust al in een eerder stadium gedaan. Om de tijd ervoor te kunnen nemen, om het zorgvuldig aan te pakken, en ook omdat het maar de vraag is of het ons nu, hier in Tel Aviv, te midden van de Eurovisie-PR-machine die op gang is gekomen, nog op die manier zou zijn gelukt.

Geluid
Nee, ik weet niet of we deze week buiten die veilige zone zullen komen. In alle eerlijkheid: ik denk het niet, en ik denk ook niet dat ik dat durf. Ik snap waarom Erik Mouthaan tweet wat hij tweet, maar het is niet zo zwart-wit: óf de vuurlinie in duiken, óf de wereld negeren en een gedachteloos feestje vieren. We doen research. We verdiepen ons. We stellen vragen in plaats van dat we iets vinden. We werken hard, we schrijven meerdere artikelen per dag – van Lissabon hebben we vorig jaar nauwelijks iets gezien, en dat was prima, want wat we willen bereiken met Eurostory kost tijd en energie.

Compromis
Dit is wat we proberen te doen: bij het Songfestival zijn en juist naar de plekken kijken waar de lichtshow niet komt. Over de genezing van de Eurovisieziekte schrijven, of woorden geven aan het verdriet van het Songfestival in de verlaten green room. En de vraag stellen hoe politiek het Songfestival is, ook dit jaar – juist dit jaar.

In zijn boek Hello Europe! stelt journalist Chris West dat het Eurovisie Songfestival geen politieke of morele ‘bubble’ is, maar wel altijd een haat-liefde-verhouding met de werkelijkheid heeft gehad. Eurovisie is een spiegel, en biedt niet altijd een fraai spiegelbeeld. Maar Eurovisie is ook, aldus West, hét voorbeeld van een geschikt compromis. ‘Met trots zwaaien we onze nationale vlag, maar we waarderen ook onze buurman die hetzelfde met de zijne doet. Bedreiging van dat evenwicht zijn te agressieve vormen van dit nationalisme, maar óók een veel te homogeen Europa waar nationaliteiten niet meer mogen bestaan. De balans vinden tussen gezamenlijk vieren en ‘iets harder juichen als je eigen act komt’, zou een goed voorbeeld kunnen zijn voor de politieke toekomst op Europees niveau.’

Dat is waarom wij in Tel Aviv zijn: om te onderzoeken waar die balans ligt, dat geschikte compromis dat het Songfestival ook dit jaar misschien wel biedt.


Lees ook het stuk van Edward. Lees ook het stuk van Dave.